Moet de officier van justitie instemmen met een incidentele verstrekking op grond van artikel 19 Wpg?
Ja, verstrekkingen op grond van artikel 19 Wpg vinden plaats in overeenstemming met het bevoegd gezag; volgens de Aanwijzing Wpg is dat de officier van justitie. Bij artikel 8- en 13-gegevens kan de officier volstaan met het geven van instemming, zonder inhoudelijke toets. Dat is anders als uw werkgever twijfelt over een van deze punten: kan het doel worden bereikt, is er een zwaarwegend algemeen belang, en gaan de belangen van opsporing en vervolging voor? Ook als de gegevens met bijzondere opsporingsbevoegdheden zijn verkregen, toetst de officier inhoudelijk. Bij artikel 9-gegevens toetst de officier de verstrekking integraal. Let op: dit is een andere route dan verstrekking op grond van artikel 6 en 7 Bpg boa, waarvoor de OM-instructie voor boa's een eigen afstemmingsprocedure kent (zie ‘Moet de officier van justitie altijd instemmen voordat de gemeente gegevens verstrekt’).
Gerelateerde vragen
- Moet de officier van justitie altijd instemmen voordat de gemeente gegevens verstrekt?
- Wat is het verschil tussen verstrekken op grond van artikel 19 en artikel 20 Wpg?
- Voor welke doelen mag de gemeente politiegegevens uit de opsporingstaak van boa's aan derden verstrekken op grond van artikel 19 of 20 Wpg?
- Wat is een 'zwaarwegend algemeen belang'?
- Wanneer is een verstrekking aan derden 'noodzakelijk'?
- Mag de gemeente artikel 9-politiegegevens uit de opsporingstaak van een boa incidenteel of in een samenwerkingsverband verstrekken?