Mag de gemeente politiegegevens uit de opsporingstaak van boa's verstrekken aan jeugd en gezin, zoals het Centrum voor Jeugd en Gezin of een gezinsteam?
Het Centrum voor Jeugd en Gezin en de jeugd- en gezinsteams voeren de jeugdhulptaken van het college uit. Daarvoor geldt hetzelfde als voor de jeugdzorg: de speciale regeling in het Besluit politiegegevens (artikel 4:2, eerste lid, onder i, Bpg) geldt niet voor boa's (artikel 2, tweede lid, Bpg boa; zie ‘Mag de gemeente politiegegevens uit de opsporingstaak van boa's verstrekken aan het college van B&W voor jeugdhulp of aan Veilig Thuis’ en ‘Mag de gemeente politiegegevens uit de opsporingstaak van boa's verstrekken aan de jeugdzorg’).
Verstrekken kan dan alleen langs de algemene routes, en dat zijn 'kan'-bepalingen (zie ‘Moet ik politiegegevens delen, of mag ik zelf kiezen’):
- incidenteel, in een bijzonder geval en met een zwaarwegend algemeen belang, op grond van artikel 19 Wpg, bijvoorbeeld voor het verlenen van hulp aan wie dat nodig heeft of het voorkomen van strafbare feiten. De officier van justitie stemt in (Aanwijzing Wpg; zie ‘Moet de officier van justitie instemmen met een incidentele verstrekking op grond van artikel 19 Wpg’);
- structureel binnen een samenwerkingsverband met een artikel 20-besluit, bijvoorbeeld een Zorg- en Veiligheidshuis (zie ‘Wat moet er in een artikel 20-besluit staan’ en ‘Mag de gemeente politiegegevens uit de opsporingstaak van boa's delen in het RIEC/LIEC of het Zorg- en Veiligheidshuis’);
- structureel op grond van artikel 6 Bpg boa, met een gepubliceerd besluit en in overeenstemming met de officier van justitie volgens de OM-instructie voor boa's (zie ‘Mag de gemeente politiegegevens uit de opsporingstaak van boa's structureel verstrekken aan een andere instantie’ en ‘Moet de officier van justitie altijd instemmen voordat de gemeente gegevens verstrekt’).
Anders is het bij de Raad voor de Kinderbescherming. Die kan politiegegevens krijgen voor de taken die de wet aan de Raad opdraagt, bijvoorbeeld een onderzoek naar een kinderbeschermingsmaatregel (artikel 4:2, eerste lid, onder j, Bpg). Die bepaling geldt ook voor boa's.
Verstrek alleen wat noodzakelijk is, artikel 9-gegevens alleen als dat strikt noodzakelijk is na overleg met een bevoegde functionaris (zie ‘Wat is een bevoegde functionaris’), en geen gegevens die u van de politie hebt gekregen (zie ‘Krijg ik als boa ook politiegegevens van de politie, en wat mag ik daarmee’). Ga na of er een strafrechtelijk onderzoek loopt (zie ‘Wat moet de gemeente nagaan voordat zij politiegegevens uit de opsporingstaak van boa's aan derden verstrekt’) en leg de verstrekking vast. Gaat het om persoonsgegevens die u in uw toezichtstaak hebt verkregen, dan geldt de AVG en niet de Wpg (zie ‘Mag ik gegevens uit toezicht delen met een andere afdeling, een andere gemeente of een ketenpartner’).
Gerelateerde vragen
- Mag de gemeente politiegegevens uit de opsporingstaak van boa's verstrekken aan het college van B&W voor jeugdhulp of aan Veilig Thuis?
- Mag de gemeente politiegegevens uit de opsporingstaak van boa's verstrekken aan de jeugdzorg?
- Moet ik politiegegevens delen, of mag ik zelf kiezen?
- Moet de officier van justitie instemmen met een incidentele verstrekking op grond van artikel 19 Wpg?
- Wat moet er in een artikel 20-besluit staan?
- Mag de gemeente politiegegevens uit de opsporingstaak van boa's delen in het RIEC/LIEC of het Zorg- en Veiligheidshuis?